ONTMOET

 

Uitzicht

Tien jaar bij elkaar. We hebben allebei niet zoveel met jubilea maar wel met excuses om exorbitant uit eten te gaan, dus zitten we op donderdagavond bij restaurant Vaartsche Rijn. 
Gastvrouw: “Willen jullie een vier- of vijfgang-“
Chris: “Vijf.”
Gastvrouw: “-enmenu?”

Even later:
Gastvrouw: “Hier een amuse van het lekkerste ooit." (Dat zei ze niet maar ik weet niet meer precies wat we kregen – iets met gerehydrateerde gedroogde biet?, en dat is dus veel lekkerder dan het klinkt.)
Nog even later: “Hier een broodje met lekkere smeersels.” (Idem.)
En weer wat later, de kok: “En dan hierbij gang 1.”
Chris (fluisterend, tegen Bert, extatisch): “Bert, Bert, DIT is pas gang 1!”
Heel wat wijn en gangen later:
Kok: “Alstublieft, dit is gang 5, het dessert. Het eerste deel." 
Chris (allang niet meer fluisterend want wijn): “HET EERSTE DEEL?! BERT BERT BERT BEHEEERT hier moeten we gaan wonen HIER."
Het moge duidelijk zijn: Vaartsche Rijn is mijn nieuwe lievelings. Duur, maar je krijgt waar voor je geld, ook als je zoals ik geen vlees of vis eet. 

En het is voor allerlei soorten mensen, zo leer ik aan het eind van de avond. We zitten aan een tafeltje bij de keuken, ik met mijn rug ernaartoe. Een andere gast komt zijn complimenten overbrengen aan de kok. 
Man: "Ik heb echt fantastisch gegeten. En de sfeer is hier ook zo heerlijk ongedwongen, hè" - hij gaat een stuk zachter prater - "ik bedoel, kijk nou naar je uitzicht." 
In het restaurant zitten nog maar een paar gasten. Allemaal rond de veertig, wit, de mannen met stropdas. Ik denk dat ik het uitzicht ben. 
"D'r komt hier van alles," gaat de man enthousiast verder. "Het is echt heel laagdrempelig."

Weten we dat ook weer.